Geert Wilders mag drie islamdeskundigen als getuigen oproepen.
Vijftien getuigenverzoeken werden door de rechters afgewezen. Wilders reageerde boos en teleurgesteld op de beslissing. ‘De rechtbank is niet geïnteresseerd in de waarheid en in een eerlijk proces.’
Ervaringsdeskundigen
Wilders wilde achttien getuigen – voornamelijk islamdeskundigen en zogeheten ervaringsdeskundigen – horen om te onderbouwen dat de islam intrinsiek kwaadaardig is. Daarom wilde hij ook Mohammed B., de moordenaar van Theo van Gogh, oproepen. Die zou met de ‘Koran in de hand oproepen tot geweld en ander verderfelijks’. De rechtbank wees dit af, want dat zulke personen bestaan, ‘is algemeen en dus ook bij de rechtbank bekend’…
Leest u het volledige artikel hier. De eerste stappen op een zeer langdurige juridische weg zijn gezet. Niet alleen dat, maar tevens de toon lijkt te zijn gezet. De rechterlijke macht heeft zich voorshands niet laten imponeren, hetgeen moge blijken uit het afserveren van maar liefst vijftien van de achttien getuigenverzoeken van Wilders. Waaronder de door Wilders zeer gewenste Mohammed B. Het komt mij voor dat de rechterlijke macht vanaf den beginne kaf van koren wenst te scheiden teneinde op een zo adequaat mogelijke wijze dit proces tot een goed einde te brengen. Waarbij aangetekend dat de term “goed” door betrokkenen en de Nederlandse samenleving op zeer afwijkende wijze zal worden ingevuld.
Zoals door mij al eerder verwoord hecht ik aan het benaderen van dit proces op puur juridische gronden, hoezeer anderen er ook aan hechten een en ander in de sfeer van een politiek proces te manoevreren. De wijze waarop de rechterlijke macht de eerste schreden heeft gezet, geeft een weliswaar nog broze maar desalniettemin voorzichtige hoop dat inderdaad slechts juridische aspecten de loop van dit proces zullen en blijven bepalen. Een hoop die geschraagt wordt door de eerste reactie van Wilders: “De rechtbank is niet geïnteresseerd in de waarheid en in een eerlijk proces.” Wilders wil immers niets liever dan dat het proces die teneur krijgt welke zijn belangen hier het beste dienen: inderdaad, een politieke teneur. Immers, de toepasselijkheid van artikel 137 hangt als een zwaard van Damocles boven zijn hoofd.
Enfin. Zoals gezegd, we zijn getuige van de eerste van de ontelbare stappen die nog moeten worden gezet vanuit juridisch oogpunt. Derhalve is er niet meer dan voorzichtige hoop op het verdere verloop en de uitkomst van dit proces. Zoals een fervent voetbalsupporter mij toevertrouwde: “de toss is gewonnen, de aftrap genomen en wij spelen op hun helft“. Dat vond ik een mooie beeldspraak. Tegelijkertijd herinnerde ik mij een tweetal aloude voetbalwaarheden: de bal is rond en een wedstrijd duurt negentig minuten.
En dan laat ik de verlenging en mogelijke strafschoppen nog maar even buiten beschouwing.
Paul Wilders


